Informatiepagina

In het kort

Vraag & Antwoord over het medicatieproces in zorginstellingen.

In deze rubriek behandelen wij vragen over hoe meer grip te krijgen op het medicatieproces. Elke maand publiceren wij een vraag in de IVM nieuwsbrief CARE. Ben je op zoek naar meer informatie? Download dan de Veilige principes in de medicatieketen van onze website.

Ik ben een geneesmiddel vergeten te geven. Wat moet ik doen?

Als het niet goed gaat met de patiënt, waarschuw je natuurlijk eerst een arts. In andere gevallen kun je in de bijsluiter van het geneesmiddel, maar ook op http://www.apotheek.nl vinden wat je moet doen als je een geneesmiddel vergeten bent te geven. De bijsluiters zijn onder andere te downloaden van de Geneesmiddeleninformatiebank. Je doet ook een MIC-melding, stelt de cliënt of diens vertegenwoordiger op de hoogte en vermeldt in het dossier wat er is gebeurd.

De insuline in de insulinepen is bevroren geweest. Wat moet ik doen?

Insuline die bevroren is geweest, verliest zijn werkzaamheid. Je kunt insuline die bevroren is geweest niet meer gebruiken. Overleg bij twijfel altijd met de apotheek.

Waarom is het belangrijk dat MIC-meldingen in het team besproken worden?

MIC-meldingen geven aan waar problemen vóórkomen in het medicatieproces. Het is van belang dat je als team dit proces verbetert door je werkwijze aan te passen. Hoe dat te doen bespreek je in het team. Daarbij kan aan het licht komen welke belemmeringen het team daarbij ervaart. Verder stimuleert het bespreken van de meldingen de bereidheid om te melden bij de verzorgende en begeleider.

Waarom kunnen de arts en de apotheker de medicatiebeoordeling niet met z'n tweeën doen?

Het doel van een medicatiebeoordeling is het opsporen en oplossen van medicatie gerelateerde problemen. Daarvoor is de patiënt/cliënt nodig!  Als je een medicatiebeoordeling alleen baseert op de gegevens die bij de arts en apotheker bekend zijn en op hun mening daarover, mis je de ervaring van de patiënt met het geneesmiddel. Een aantal essentiële vragen is daardoor lastig te beantwoorden: Werkt het geneesmiddel? Heeft de patiënt last van bijwerkingen? Neemt de patiënt de geneesmiddelen trouw in? De patiënt en/of mantelzorger kan deze informatie geven. Dat geldt ook voor verpleegkundige, verzorgende of begeleider die de patiënt zeer regelmatig ziet. Hij of zij kan als ‘ogen en oren’ van de patiënt fungeren.

Hoe breng ik in kaart welke medicatie een cliënt bij opname gebruikt?

Vraag het medicatieoverzicht bij de ‘oude’ apotheek op of vraag aan de cliënt dit overzicht zelf mee te nemen. Controleer vervolgens met de cliënt of zijn vertegenwoordiger of het overzicht klopt. Besteed met name aandacht aan zelfzorgmiddelen, depotmedicatie en doseringen. Het komt zeer regelmatig voor dat cliënten de dosering of doseerfrequentie zelf aangepast hebben of het geneesmiddel helemaal niet meer gebruiken. Belangrijk is dat een arts, apotheek- of zorgmedewerker met kennis over geneesmiddelen en met gespreksvaardigheden dit gesprek voert.

Contact

Laatst gewijzigd op 19 oktober 2020