Nieuws

Wilma Denneboom heeft namens de Deventer Apothekers Vereniging afspraken kunnen maken met de eerste én tweede lijn over het omzetten van/naar biosimilar insulines. "Het percentage omzettingen heeft door de coronacrisis wel wat vertraging opgelopen, maar naar verwachting gaan we het geëiste omzetpercentage van de zorgverzekeraar wel halen.”  

Wilma Denneboom, beherend apotheker van apotheek Meindersma, vertelt dat er in Deventer al jarenlang een overlegstructuur bestaat met de eerste en tweede lijn over diabeteszorg. In de tijd dat landelijke leveranciers diabeteshulpmiddelen gingen aanbieden, zag de Deventer Apothekers Vereniging in dat het belangrijk was om actief de samenwerking op te zoeken. Dit was de start van een regelmatige overlegstructuur waarbij de diabetesverpleegkundigen uit het ziekenhuis, huisartsen, praktijkondersteuners en apothekers vertegenwoordigd zijn. De eerste afspraken die ze maakten, gingen over de levering van startpakketten en verwijzing naar de eigen lokale apotheken voor vervolguitgiften. 

Bespreekpunten 

De landelijke leveranciers hebben, vanwege het ontbreken van hulpmiddelen contracten met een aantal grote verzekeraars, de levering van diabeteshulpmiddelen grotendeels overgenomen. De overlegstructuur bleef desondanks intact. Twee keer per jaar bespreken de zorgverleners de nieuwste ontwikkelingen op het gebied van diabeteszorg. Toen de uitbreiding van het preferentiebeleid op insulines bekend werd, is dit dan ook direct in de groep besproken. Gezamenlijk is een protocol gemaakt voor het omzetten van de insulines. 

NDF-aandachtspunten 

In het protocol is uitgegaan van de NDF-aandachtspunten. Zo besloten ze dat er voorafgaand aan de omzetting overleg plaats moest vinden met de behandelaar. “Niet alle collega-apothekers waren het eens met deze aanpak. Ze waren bang hierdoor de geëiste preferentiegraad niet te halen. Maar vanuit het oogpunt van goede zorg konden we hier niet omheen.” De apothekers stuurden naar alle voorschrijvers, zowel in de eerste als tweede lijn, lijsten met patiënten die volgens het beleid in aanmerking kwamen voor omzetting. De zorgverlener kon op voorhand al patiënten uitsluiten. ”Een oude, alleenstaande, bijna blinde mevrouw moet je niet meer willen omzetten.” De behandelaren beoordeelden deze lijsten en bespraken de omzetting met de patiënt en gaven uitleg over de nieuwe pen. Op het eerstvolgende recept noteerden zij of de apotheker de insuline mocht omzetten naar het preferente middel. Was omzetting niet gewenst, dan gaf de behandelaar de reden hiervoor aan op het recept. Door de uitleg in de spreekkamer waren patiënten goed geïnformeerd en leverde de daadwerkelijk omzetting geen weerstand op in de apotheek. 

Afhankelijk 

Wilma vertelt dat de omzettingen goed verlopen zijn. Ze heeft niet gehoord dat patiënten ontregelden door de omzetting. Er zijn dus ook geen patiënten teruggezet op de ‘oude’ insuline. Wel heeft ze gemerkt dat je in dit proces afhankelijk blijft van andere partijen. Niet alle diabetesverpleegkundigen in het ziekenhuis werkten direct volgens de afgesproken procedure. Waar in het proces deze hapering ontstaan is, heeft Wilma niet kunnen achterhalen. Na het sturen van een reminder verliep het proces beter. Ook de coronacrisis heeft, vanwege minder fysieke contactmomenten tussen patiënten en zorgverlener, voor enige vertraging in het aantal omzettingen gezorgd. Toch heeft ze er goede hoop op dat het geëiste omzettingspercentage van de zorgverzekeraar behaald gaat worden. 

Snel schakelen  

Toen het uitgebreide preferentiebeleid bekend werd, zat Nederland in een diepe lockdown. Het fysieke diabetesoverleg kon hierdoor niet doorgaan. Ondanks de drukte is er toch ruimte vrijgemaakt voor een digitaal overleg. Hierdoor kon de werkgroep het protocol snel na de bekendmaking van het preferentiebeleid opzetten en uitdragen naar de achterban. De belangrijkste tip die Wilma aan collega's mee wil geven is: “Weet elkaar te vinden. Onderhoud het contact, ook als er even minder ontwikkelingen zijn.” 

Contact

Laatst gewijzigd op 31 augustus 2021