Nieuw onderzoek

In het kort

Uit database-onderzoek blijkt dat er een verband bestaat tussen gebruik van cholesterolverlagers en cataract.

Diverse cholesterolverlagers, zoals statines, fibraten en de PCSK9-remmer alirocumab, zijn in verband gebracht met een verhoogd risico op cataract. Observationele studies geven conflicterende resultaten. Despas et al. onderzochten het risico op cataract in de WHO Vigibase, een internationale database van gemelde bijwerkingen.

Resultaten

De onderzoekers vonden 14.664 meldingen van cataract tussen 1988 en 2018. Bij 3.049 van de meldingen gebruikte de patiënt een of meer cholesterolverlagende middelen. De meeste meldingen, namelijk 84%, betroffen gebruikers van statines.

De reporting odds ratio (ROR) voor alle cholesterolverlagende middelen samen was 2,47 (95%betrouwbaarheidsinterval = 2,37 tot 2,57). Ook voor alle groepen cholesterolverlagers apart vonden de onderzoekers een verhoogde kans op cataract. Het effect was sterker bij jongere patiënten (vooral tussen 45 en 64 jaar oud) dan bij patiënten van 75 jaar of ouder.

In een vergelijking van individuele middelen ten opzichte van de andere cholesterolverlagende middelen waren er vooral veel meldingen bij lovastatine. Mogelijk speelt hierbij dat er vooral in de VS veel media-aandacht is geweest voor cataract als bijwerking juist bij lovastatine.

Discussie

Het werken met een database van gemelde bijwerkingen kent zijn beperkingen. Er missen gegevens, zoals de duur van blootstelling, de dosering en de bereikte LDL-cholesterolgehaltes. Ook zijn alleen gemelde bijwerkingen te meten. De ROR mag dan ook niet worden gezien als een werkelijk relatief risico. Ook zijn databases als de Vigibase mogelijk minder geschikt voor het opsporen van lange-termijnbijwerkingen. Artsen zullen een bijwerking mogelijk minder snel toeschrijven aan een geneesmiddel dat al langere tijd gebruikt wordt. Het signaal zal dan ook met andere onderzoeksmethoden moeten worden bevestigd.

Over het risico op cataract bij PCSK9-remmers is op basis van de database nog niks te zeggen, omdat de middelen pas kort op de markt zijn.

Belang voor de praktijk

Op basis van deze studie lijkt het risico op cataract bij gebruik van cholesterolverlagende middelen beperkt te zijn. Het risico op cataract is dan ook geen reden deze middelen te ontraden aan patiënten met een verhoogd risico op HVZ, wanneer zij daarvoor in aanmerking komen volgens de NHG-Standaard Cardiovasculair risicomanagement (NHG, 2019).

Belangenverstrengeling

Voor de studie waren geen aanvullende fondsen nodig. De auteurs hebben geen (financiële) banden met organisaties die belang kunnen hebben bij de uitkomst van dit onderzoek. 

Bron

Despas F et al. Are Lipid-lowering drugs associated with a risk of cataract? A pharmacovigilance study. Fundam Clin Pharmacol. 2019 Jun 28.

Contact