Nieuw onderzoek

In het kort

Portugal zou € 117,8 miljoen kunnen besparen bij Nederlands bestedingspatroon van DPP-4-remmers.

Terughoudend gebruik van dipeptidylpeptidase-4-remmers (DPP-4-remmers) heeft er mede toe geleid dat de geneesmiddelkosten bij diabetes in Nederland in 10 jaar minder hard zijn gestegen dan in Portugal. Dat is de conclusie van een studie van Torre et al.

 

Onderzoeksmethode

De onderzoekers maakten een vergelijking tussen Nederland en Portugal qua gebruik van bloedglucoseverlagende middelen. De landen komen qua demografische gegevens sterk overeen, al heeft Portugal relatief meer 65+-ers. Een ander verschil is dat het gebruik van medische richtlijnen minder gebruikelijk is dan in Nederland. De onderzoekers gebruikten databases (voor Nederland de GIPdatabank) om het gebruik van bloedglucoseverlagende middelen te inventariseren en te onderzoeken wat de verschillen zijn tussen beide landen.

 

Resultaten

Het gebruik van bloedglucoseverlagende middelen nam tussen 2004 en 2013 in Nederland minder sterk toe dan in Portugal (toename van 12,9 versus 32,3%). In beide landen werden metformine en sulfonylureumderivaten (SU-derivaten) het meest gebruikt. De nieuwe middelen, de DPP-4-remmers en glucagon-like peptide 1-agonisten (GLP-1-agonisten) vormen in Nederland minder dan 5% van het totaal aan gebruikte bloedglucoseverlagende middelen. In Portugal worden de DPP-4-remmers vaker gebruikt dan in Nederland (de GLP-1-agonisten verschenen daar pas in 2013 op de markt). De combinatiepreparaten van metformine en een DPP-4-remmer vormen in Portugal ongeveer een kwart van het gebruik van alle bloedglucoseverlagende middelen. Het aandeel DPP-4-remmers stijgt jaarlijks met ongeveer 5,5%.

De kosten voor bloedglucoseverlagende middelen in Portugal stegen harder (van € 52,8 tot 186 miljoen) dan in Nederland (van € 85,0 tot 91,0 miljoen). Dit verschil wordt grotendeels veroorzaakt door de DPP-4-remmers. Portugal besteedde in totaal meer kosten aan de DPP-4-remmers dan aan metformine, hoewel dit laatste middel veruit het meest gebruikt wordt. Indien Portugal hetzelfde patroon had als Nederland qua gebruik van bloedglucoseverlagende middelen, had dit een besparing opgeleverd van € 117,8 miljoen (63,3% van de totale kosten aan bloedglucoseverlagende middelen).

 

Discussie

Portugal is één van de Europese landen met het hoogste gebruik van DPP-4-remmers. Dit draagt voor een groot deel bij aan de hoge(re) kosten in vergelijking met Nederland. De onderzoekers geven aan dat het ontbreken van een diabetes-richtlijn in Portugal gedurende een groot deel van de onderzoeksperiode mogelijk een oorzaak is van de sterke toename van het gebruik van DPP-4-remmers.

 

Belang voor de praktijk

De Nederlandse richtlijn, de NHG-Standaard Diabetes mellitus type 2 (2013) adviseert terughoudend te zijn met de DPP-4-remmers. Uit deze studie blijkt dat deze terughoudendheid leidt tot lagere kosten voor geneesmiddelen dan in Portugal waar artsen deze middelen (veel) vaker voorschrijven.

 

Mogelijke belangenverstrengeling

Eén van de auteurs heeft vergoeding ontvangen voor consultancy en lezingen van Merck Sharp & Dohme (MSD), Lilly en Novo Nordisk.

 

Literatuur

Torre C et al. Patterns of glucose lowering drugs utilization in Portugal and in the Netherlands. Trends over time. Prim Care Diabetes. 2015 Apr 21.