Nieuw onderzoek

Bij 23% van de diabetespatiënten schrijven huisartsen -als ze een nieuw bloedglucoseverlagend middel toevoegen- een dipeptidylpeptidase-4-remmer (DPP-4-remmer) of glucagon-like peptide 1-agonist (GLP-1-agonist) voor. Dat blijkt uit het rapport 'Monitor Voorschrijfgedrag Huisartsen' dat uitgebracht is door het Instituut voor Verantwoord Medicijngebruik (IVM). Huisartsen die deze middelen regelmatig voorschrijven, houden zich in de meeste gevallen niet aan het medicamenteus beleid van de NHG-standaard Diabetes mellitus type 2 (2013). De NHG-standaard ziet voor deze middelen een zeer beperkte plaats.

 

Kwaliteit van voorschrijven

Het IVM heeft voor het negende achtereenvolgende jaar de kwaliteit van het voorschrijfgedrag van huisartsen getoetst. Het gebruikt hiervoor een set van 26 indicatoren die gebaseerd zijn op de NHG-standaarden.

Eén van de uitkomsten is dat er grote verschillen bestaan tussen huisartsen als het gaat om het terughoudend voorschrijven van nieuwe diabetesmiddelen. Het Nederlands Huisartsen Genootschap (NHG) adviseert huisartsen terughoudend te zijn met het voorschrijven van DPP-4-remmers en GLP-1-agonisten, onder andere vanwege de onbekende langetermijnveiligheid en hoge kosten. Gemiddeld scoort de indicator 'terughoudend voorschrijven nieuwe diabetesmiddelen' 77%. Dat betekent dat in 23% van de keren dat de huisarts een bloedglucoseverlagend middel toevoegt, dit een DPP-4-remmer of een GLP-1-agonist betreft. Het gaat hier om patiënten die mogelijk al metformine gebruiken en overstappen naar een nieuw middel of om patiënten bij wie een middel wordt toegevoegd. Daarbij kan de arts een keuze maken uit DPP-4-remmers, GLP-1-agonisten, maar ook uit sulfonylureumderivaten (SU-derivaten), acarbose en pioglitazon. In sommige gevallen, bijvoorbeeld wanneer de patiënt al metformine en een SU-derivaat gebruikt en geen insuline verdraagt, zal de keuze voor een middel buiten het stappenplan -waaronder een DPP-4-remmer of GLP-1 agonist- terecht zijn.

 

Grote verschillen

De scores tussen de laagst en hoogst scorende huisartsen liggen behoorlijk uiteen. De 10% laagst scorende huisartsen schrijven in minimaal 57% van de gevallen een DPP-4-remmer of GLP-1 agonist voor. Er zijn ook huisartsen die deze nieuwe middelen nooit voorschrijven. Er is dus nog veel verbetering mogelijk.

 

Bron

Instituut voor Verantwoord Medicijngebruik. Rapport Monitor Voorschrijfgedrag Huisartsen, november 2014