Nieuw onderzoek

In een case-report beschrijven Oteno et al. een 82-jarige vrouw met waarschijnlijk een hemorragische cystitis ten gevolge van dabigatran.

 

Presentatie patiënt

Patiënte was bekend met het blaaspijnsyndroom (interstitiële cystitis) en presenteerde zich met toenemende klachten van pijn, dysurie, frequentie- en urgeklachten. Haar voorgeschiedenis vermeldde atriumfibrilleren, cerebrovasculair accident, artritis en hypothyreoïdie. Eerder had zij een hydrodistentie ondergaan die resulteerde in vermindering van de klachten gedurende enkele maanden.

 

Medicatie

Patiënte gebruikte dabigatran. De eventuele overige medicatie is door de auteurs niet vermeld.

 

Ziektebeloop

Patiënte onderging een CT-scan die een diffuus verdikte blaaswand liet zien. Een cysto-urethroscopie toonde hypervasculariteit en een verminderde capaciteit. Ze onderging vier blaasspoelingen met een mix van bupivacaïne (Marcaïne®), heparine en NaCl. Ma de behandeling was er sprake van macroscopische hematurie. Patiënte werd ingepland voor een hydrodistentie. Echter, bij aanvang van de behandeling bleek er sprake te zijn van een groot bloedstolsel. De hydrodistentie werd niet uitgevoerd. Een focus voor de bloeding kon niet worden gevonden, maar het zicht was behoorlijk vertroebeld. In verband met acute anemie werd de patiënte opgenomen en ontving zij 4 units packed-cells en 5 units fresh frozen plasma en 1 unit trombocyten. De verschillende stollingsparameters bleken sterk verlengd. Dabigatran werd gestaakt en warfarine gestart. Er trad herstel op van de anemie en de stollingsparameters daalden. Patiënte is uiteindelijk niet meer gestart met de dabigatran.

 

Conclusie auteurs

Verstoring van de glycosaminoglycaanlaag (GAG) die over het urotheel ligt, is een van de veronderstelde mechanismen bij het ontstaan van het blaaspijnsyndroom. Dieper in het urotheel ligt de submucosa die de musculus detrusor overdekt. Verstoring van de GAG-laag kan leiden tot een toegenomen blootstelling van de bloedvaten in de submucosa. Deze toegenomen blootstelling resulteert in het optreden van hypervascularisatie en kleine bloedinkjes tijdens het uitvoeren van een hydrodistentie.

Op basis van een verondersteld pathologisch mechanisme, waarbij de microvasculatuur van de submucosa bloot komt te liggen kan de hypothese gevormd worden dat deze laag een verhoogd risico op bloedingen loopt. Dabigatran geeft een verhoogd risico op bloedingen, waarbij het niet mogelijk is de bloeding eenvoudig te couperen. De mogelijkheid van een verhoogd risico op bloedingen in de blaas moet overwogen worden bij patiënten met het blaaspijnsyndroom. Volgens de auteurs is dabigatran niet eerder gerelateerd aan het optreden van hemorragische cystitis.

In principe kan dabigatran gecontinueerd worden bij kleine chirurgische ingrepen met een minimaal risico op bloedingen. Gezien de mogelijkheid van een significante bloeding, moet het beweerde lagere risico op bloedingen bij dabigatran in overweging genomen worden bij patiënten die kleine ingrepen ondergaan zoals een cysto-urethroscopie, al dan niet met blaasspoelingen. Zelfs kleinere ingrepen kunnen bij deze patiënten een verhoogd risico geven op een bloeding.

 

Bron:

Otteno et al. Dabigatran induced hemorrhagic cystitis in a patient with painful bladder syndrome. Case Rep Urol 2014;2014:871481.