Nieuw onderzoek

In een case-report beschrijven Shafi et al. een 79-jarige man van Afrikaanse komaf waarbij nierfalen ontstond, mogelijk als gevolg van het gebruik van dabigatran.

 

Presentatie patiënt

Tijdens routinecontrole in het kader van follow-up werd een sterk verslechterde nierfunctie geconstateerd, waarvoor de patiënt werd verwezen naar de nefroloog. Behoudens vermoeidheid waren er geen klachten. De voorgeschiedenis vermeldde hypertensie, hyperlipidemie en atriumfibrilleren. In 3 maanden tijd was de geschatte glomerulaire filtratiesnelheid (eGFR) gedaald van 69 ml/min/1,73m2 naar 27 ml/min/1,73m2.

 

Medicatie

De medicatie van de patiënt bestond uit dagelijks 5 mg amlodipine, 320 mg valsartan, 10 mg rosuvastatine, 2.000 IE vitamine D en tweemaal daags 150 mg dabigatran sinds 6 weken.

 

Aanvullend onderzoek

Bij controle in het ziekenhuis was er sprake van verdere daling van de eGFR naar 22 ml/min/1,73m2, enige proteïnurie, hematurie en een eiwit/creatinine ratio van 0,5 (norm: 0,0 tot 0,2). Het serumcreatinine en ureum waren eveneens verhoogd. Er was sprake van sterk verhoogde stollingsparameters, die na staken van de dabigatran en hemodialyse langdurig aanhielden. Echo-doppleronderzoek toonde een beeld verdacht voor stenose van de linker nierarterie. Uitgebreid serologisch onderzoek liet geen bijzonderheden zien. In verband met een ontbrekende verklaring voor de nierfunctieverslechtering werd een biopsie verricht. De biopsie werd pas op de 12e dag na opname uitgevoerd. Reden hiervoor was de lange duur voor het normaliseren van de stollingsparameters. Het beeld bestond uit cholesterol emboli, ischemische glomerulaire veranderingen en hypertensieve glomerulosclerose.

 

Pathofysiologie

Athero-embolische nierziekten kenmerken zich doordat kleine vetdeeltjes (cholesterolemboli) vanuit atherosclerotische plaques vastlopen in de nierarteriën, -arteriolen en glomerulaire capillairen. Gevolg is een afname van de nierfunctie. De meest voorkomende oorzaak zijn interventies en operatieve procedures aan de aorta of andere grote vaten. Het is ook een zeldzame bijwerking van verschillende anticoagulantia zoals warfarine, laag moleculair gewichtsheparines, heparine en van trombolytica. Het onderliggend mechanisme hiervan is nog niet opgehelderd.

 

Conclusie auteurs

Omdat er bij de beschreven patiënt sprake is van atherosclerotische risicofactoren, valt een spontane atherosclerotische nierziekte niet uit te sluiten. Echter, gezien de tijdsrelatie met het starten van dabigatran en het ontbreken van interventies aan de grote vaten, achten de auteurs het waarschijnlijk dat dabigatran de predisponerende factor was. Ze adviseren daarom de diagnose te overwegen bij patiënten die dabigatran gebruiken en zich presenteren met onverklaard nierfalen.

 

Bron:

Shafi et al. A case-report of dabigatran-associated acuut nierfalen. WMJ 2013;112(4):173-175.