MOVIE

In het kort

De MOVIE toont het aantal gebruikers van PCSK9-remmers ten opzichte van het totaal aantal gebruikers van cholesterolverlagers in de periode 2016 tot 2017.

Verwacht aandeel PCSK9-remmers

PCSK9-remmers zijn middelen voor patiënten bij wie andere cholesterolverlagende middelen niet of onvoldoende werken. In 2016 schatte Zorginstituut Nederland dat 14.000 tot 24.000 patiënten in Nederland in aanmerking zouden komen voor deze geneesmiddelen (Zorginstituut, 2016).

In 2017 gebruikten 1,9 miljoen patiënten één of meer cholesterolverlagende middelen. Op basis van de verwachting van Zorginstituut Nederland zou 0,7 tot 1,2% van de gebruikers van cholesterolverlagers in aanmerking komen voor een PCSK9-remmer.

Regionale verschillen

In Friesland, rond Apeldoorn en in Limburg gebruikten relatief veel patiënten een PCSK9-remmer. In Zuid-Holland en de Achterhoek ligt het gebruik van PCSK9-remmers relatief laag. Het gebruik van alle cholesterolverlagende middelen lag in Friesland onder het landelijk gemiddelde, rond Apeldoorn en in Limburg juist boven het landelijk gemiddelde (Volksgezondheidenzorg.info).  

Snelle stijging

In de eerste twee jaar van beschikbaarheid is het aantal gebruikers van PCSK9-remmers gestegen van 873 in de eerste helft van 2016 tot 6.975 eind 2017. Naar verwachting zal het aantal gebruikers verder toenemen de komende jaren.

Definities

Aantal gebruikers van PCSK9-remmers: aantal unieke inwoners met minimaal een voorschrift voor een PCSK9-remmer per half jaar per postcodegebied.

Aantal gebruikers van cholesterolverlagende middelen: aantal unieke inwoners met minimaal een voorschrift voor een cholesterolverlagend middel per half jaar per postcodegebied.

Bronvermelding

Voor het maken van de kaarten is gebruik gemaakt van de databank van het Genees- en hulpmiddelen Informatie Project (GIP) van Zorginstituut Nederland. Deze databank bevat informatie over het gebruik van genees- en hulpmiddelen in Nederland. Het betreft informatie over middelen die extramuraal (d.w.z. buiten instellingen als ziekenhuizen en verpleeghuizen) zijn verstrekt en vergoed op grond van de Zorgverzekeringswet. Bijna alle zorgverzekeraars stellen deze informatie ter beschikking aan het GIP. Het GIP doet een kwaliteitscontrole op deze gegevens en corrigeert deze zo nodig. Hierdoor ontstaan betrouwbare en representatieve databestanden over het hulp- en geneesmiddelengebruik. Bij de ramingsmethodiek voor het voorspellen van het ontbrekende deel, houdt Zorginstituut Nederland onder andere rekening met verschillen in de leeftijds- en geslachtsopbouw van de verzekerdenpopulatie.

Meer informatie

Contact