Medicijn

Indicatie

Finerenon is geregistreerd voor de behandeling van chronische nierschade (stadium 3 en 4 met albuminurie) bij volwassenen met DM2 (SmPC, 2022). De definitie volgens het NHG van chronische nierschade is een verminderde nierfunctie en/of verhoogde albuminurie gedurende ≥ 3 maanden, al dan niet in combinatie met specifieke sedimentafwijkingen (NHG, 2018).

Effectiviteit

De effectiviteit van finerenon bij chronische nierschade is onderzocht in de FIDELIO-DKD studie. De studie vergeleek finerenon met placebo bovenop standaardbehandeling, bij patiënten met chronische nierschade en DM2. De meeste patiënten hadden chronische nierschade stadium 3 of 4. Patiënten met HFrEF werden uitgesloten van de studie. Alle patiënten hadden een eGFR tussen 25 en 75 ml/min/1,73 m2, een serumkaliumwaarde van ≤ 4,8 mmol/l en persisterende albuminurie (ACR tussen 3,39 mg/mmol en 565 mg/mmol). Dit komt volgens het NHG overeen met een mild tot sterk verhoogd risico op chronische nierschade (NHG, 2018). De patiënten gebruikten een ACE-remmer of ARB in maximaal verdraagbare dosering tijdens de inloopfase. De patiënten gebruikten dagelijks 10 of 20 mg finerenon (de dosis werd bepaald door het serumkalium) of placebo. De mediane duur van de studie was 2,6 jaar (Bakris, 2020).

Wat is het effect op nierziekte?

Het primaire gecombineerde eindpunt van de FIDELIO-DKD studie was een samenstelling van de aanhoudende daling van de eGFR met tenminste 40%, tijd tot het eerste optreden van eindstadium nierfalen (nierdialyse, niertransplantatie of een eGFR < 15 ml/min/1,73 m2) en renale sterfte. Dit eindpunt kwam voor bij 17,8% van de patiënten met finerenon en 21,1% van de patiënten met placebo (HR=0,82; 95%BI=0,73 tot 0,93). Het NNT was 29 gedurende 3 jaar (Bakris, 2020).

Wat is het effect op cardiovasculaire eindpunten?

Het secundaire gecombineerde eindpunt van de FIDELIO-DKD studie was een samenstelling van cardiovasculair overlijden, niet-fataal MI, niet-fatale beroerte of ziekenhuisopname voor hartfalen. Dit eindpunt kwam voor bij 13,0% van de patiënten met finerenon en 14,8% van de patiënten met placebo (HR=0,86; 95%BI=0,75 tot 0,99). Het NNT was 42 gedurende 3 jaar (Bakris, 2020).

Veiligheid

Wat is de langetermijnveiligheid?

De langetermijnveiligheid van finerenon is nog onbekend.

Wat zijn belangrijke bijwerkingen?

De meest voorkomende bijwerking van finerenon is hyperkaliëmie. Dit komt bij meer dan 10% van de gebruikers voor. Bijwerkingen die bij 1 tot 10% van de patiënten voorkomen, zijn hyponatriëmie, hypotensie, pruritus en een verlaagde eGFR (SmPC, 2022).

Hyperkaliëmie kwam in de FIDELIO-DKD studie voor bij 18,3% van de patiënten met finerenon en bij 9,0% van de patiënten met placebo. Het percentage patiënten dat stopte met de studie in verband met hyperkaliëmie was 2,3% in de groep met finerenon en 0,9% in de groep met placebo. In de studie waren alleen patiënten geïncludeerd met een serumkaliumwaarde van ≤ 4,8 mmol/l en een maximale RAAS-blokkade door het gebruik van een ACE-remmer of ARB (Bakris, 2020). Wat dit betekent voor het risico op het ontwikkelen van hyperkaliëmie is onduidelijk voor deze patiënten. Het is daarom onduidelijk in hoeverre het vóórkomen van hyperkaliëmie in de FIDELIO-DKD studie vergelijkbaar is met de werkelijke patiëntenpopulatie.

Wat zijn belangrijke contra-indicaties en interacties?

Finerenon is gecontra-indiceerd bij:

  • ziekte van Addison
  • serumkaliumconcentratie > 5 mmol/l
  • eGFR < 25 ml/min
  • ernstige leverfunctiestoornis

De blootstelling aan finerenon kan aanzienlijk toenemen door de combinatie van finerenon met krachtige CYP3A4-remmers, zoals itraconazol en claritromycine.

Finerenon heeft verder interacties met:

  • krachtige en matige CYP3A4-inductoren, zoals carbamazepine
  • kaliumsparende diuretica, zoals spironolacton en amiloride
  • grapefruit en pompelmoes

Voorschrijvers moeten finerenon voorzichtig toepassen bij matige en zwakke CYP3A4-remmers, kaliumsupplementen, antihypertensiva en trimetoprim of trimetoprim/sulfamethoxazol (SmPC, 2022).

Wat is het advies bij zwangerschap?

Finerenon is gecontra-indiceerd tijdens de zwangerschap en borstvoeding. Finerenon is in dieronderzoek reprotoxisch gebleken. Voorschrijvers moeten de klinische toestand van de patiënt afwegen tegen het risico voor de foetus. Vruchtbare vrouwen moeten tijdens het gebruik van finerenon contraceptieve maatregelen nemen (SmPC, 2022).

Wat is het advies bij een verminderde nierfunctie?

Bij patiënten met ernstige nierinsufficiëntie (geschatte creatinineklaring < 25 ml/min/1,73 m2) wordt starten met finerenon afgeraden. Bij deze patiënten is onvoldoende bekend over de werking en veiligheid. Komt de eGFR onder de 15 ml/min/1,73 m2 tijdens de behandeling? Dan moet finerenon worden gestaakt (SmPC, 2022).

Richtlijnen

De NHG-Standaard Chronische nierschade (2018) adviseert patiënten met chronische nierschade en verhoogde bloeddruk te behandelen conform de NHG-Standaard Cardiovasculair risicomanagement (2019). Bij chronische nierschade is de streefwaarde van de bloeddruk ≤ 130/80 mmHg. Bij een bloeddruk > 130/80 mmHg en matig/sterk verhoogde albuminurie gaat de voorkeur uit naar een ACE-remmer of ARB (NHG, 2018; FMS, 2018).

De Nederlandse richtlijnen doen geen uitspraak over finerenon bij chronische nierschade. Finerenon was nog niet geregistreerd toen de richtlijnen verschenen (NHG, 2021).

Kosten en vergoeding

Wat zijn de kosten?

Finerenon kost ongeveer 796 euro per jaar (FK, 2022).

Wat zijn de vergoedingsvoorwaarden?

Finerenon wordt vergoed voor patiënten van 18 jaar of ouder met chronische nierschade bij diabetes mellitus type 2 (VWS, 2022).

Aandachtspunten bij gebruik

Finerenon is beschikbaar als tablet voor oraal gebruik in de sterktes 10 en 20 mg. De maximale (streef)dosering van finerenon is 1 keer per dag 20 mg. De startdosering is afhankelijk van de nierfunctie:

  • 1 keer per dag 20 mg bij eGFR > 60 ml/min
  • 1 keer per dag 10 mg bij eGFR ≥ 25 en < 60 ml/min (SmPC, 2022)

Werkingsmechanisme

Finerenon is een niet-steroïde aldosteronantagonist en valt onder de groep kaliumsparende diuretica. Finerenon blokkeert mineralocorticoïdreceptoren in onder andere de nieren. Deze receptoren spelen mogelijk een rol bij ontstekingsprocessen in de nieren. Mineralocorticoïdreceptoren komen ook voor in niet-epitheliale weefsel van het hart en de bloedvaten. Finerenon vertraagt zo de achteruitgang van de nierfunctie en het optreden van cardiovasculaire ziekte bij patiënten met chronische nierschade bij DM2 (SmPC, 2022; KNMP, 2022).

Toekomstige ontwikkelingen

Geen bijzonderheden bekend.

Contact

Laatst gewijzigd op 22 september 2022