Nieuw onderzoek

In het kort

Guanfacine heeft effect op een aantal comorbide stoornissen bij ADHD.

Guanfacine heeft effect op ODD-symptomen, rigiditeit en stereotypieën bij kinderen en jongeren met ADHD. Het effect van guanfacine op angststoornissen en tics is nog onduidelijk en het effect op depressie is niet bekend. Dat blijkt uit een studie van de Groof et al.

Achtergrond

Comorbide stoornissen en symptomen komen vaak voor bij ADHD en kunnen het dagelijks functioneren sterk beïnvloeden. Guanfacine verbetert symptomen van ADHD, maar het effect op comorbide stoornissen is onbekend. Daarom voerden de Groof et al. een systemische literatuurstudie uit naar de effectiviteit van guanfacine op comorbide stoornissen bij kinderen en jongeren met ADHD.

Resultaten

De onderzoekers includeerden studies naar het effect van guanfacine op de comorbiditeiten ODD, ticstoornissen, ASS en angststoornissen bij ADHD. Patiënten gebruikten guanfacine of guanfacine met verlengde afgifte.

Er waren 4 studies naar ODD. In 3 hiervan verbeterden de symptomen significant bij gebruik van guanfacine met verlengde afgifte. In de 4e studie werd guanfacine met verlengde afgifte bij patiënten met ernstige gedragsproblemen toegevoegd aan een stimulantium. Bij deze patiëntenpopulatie verbeterden de symptomen van zowel ADHD als ODD. De 2 studies naar ticstoornissen gaven een tegenstrijdig beeld. In de studie met guanfacine trad wel verbetering op, maar in de studie met guanfacine met verlengde afgifte niet. In de 3 studies naar ASS had guanfacine effect op het algeheel functioneren (gemeten met de CGI-I). Guanfacine met verlengde afgifte had daarnaast effect op stereotypieën, ongepaste spraak, sociale inflexibiliteit en repetitief gedrag. Guanfacine met verlengde afgifte (in 1 studie) had geen effect op symptomen van angst.

Discussie

De onderzoekers concluderen dat guanfacine met verlengde afgifte een significant effect heeft op ODD-symptomen, rigiditeit en stereotypieën. Voor angststoornissen en tics is het effect tegenstrijdig. Er zijn geen gegevens over het effect van guanfacine op de comorbiditeit depressie.

Een beperking van deze literatuurstudie is het kleine aantal geschikte studies. Daarnaast is in een aantal studies een te lage dosering guanfacine gebruikt. Een andere beperking is de studieopzet van de geïncludeerde studies. Patiënten hadden vooral lichte klachten en de patiëntenaantallen waren klein.

Belang voor de praktijk

In Nederland is alleen guanfacine met verlengde afgifte beschikbaar. Gegevens over de effectiviteit van dit middel bij comorbide stoornissen bij kinderen en jongeren met ADHD zijn beperkt. Op basis van de beschikbare gegevens heeft guanfacine met verlengde afgifte mogelijk effect op de symptomen van ODD en ASS. Verder onderzoek met grotere studiepopulaties en inclusie van comorbide problemen is nodig om het effect verder in beeld te krijgen.

Belangenverstrengeling

Niet gemeld.

Bron

de Groof C et al. Effectiviteit van guanfacine bij comorbide stoornissen bij kinderen en jongeren met ADHD: systemische literatuurstudie. Tijdschr. Psychiatr. 2019;61(12):845-853.

Contact

Laatst gewijzigd op 29 juni 2020