Nieuw onderzoek

In het kort

Dit case-report beschrijft een man met vermoedelijke encefalitis bij gebruik van tofacitinib.

Hosking et al. beschrijven een 17-jarige man met vermoedelijke encefalitis bij gebruik van de JAK-remmer tofacitinib (Xeljanz®).

Beschrijving patiënt

Een 17-jarige man die al tien jaar leed aan alopecia areata startte met tofacitinib twee maal daags 5 mg. In eerste instantie was er een goede therapeutische respons met een volledige hergroei van het haar. Vijf maanden na de start van tofacitinib kreeg de patiënt pijnlijke erythemateuze blaasjes op de linkerkant van zijn borstkas. Dit ging gepaard met koorts, malaise, hevige hoofdpijn, algemene zwakte, cognitieve beperkingen, verwardheid, slaperigheid, psychomotore agitatie en paresthesie van handen en voeten. Artsen stelden de diagnose herpes zoster met complicaties, overigens zonder dat er een lumbaalpunctie werd gedaan. Het beleid bestond uit het staken van tofacitinib en het starten van antivirale middelen. De patiënt herstelde zonder restverschijnselen. Hierna werd tofacitinib opnieuw gestart. De patiënt kreeg echter haarverlies, ondanks dosisverhoging, en stopte na twee maanden met tofacitinib.

Discussie

Herpes zoster (HZ) is een bekende bijwerking van immunosuppressiva, zoals de JAK-remmer tofacitinib. Daarnaast ontwikkelen patiënten met auto-immuunziekten, zoals alopecia areata, vaker HZ, secundair aan het gebruik van systemische immunosuppressiva. Vaak is HZ self-limiting, maar in zeldzame gevallen kan HZ leiden tot complicaties, zoals encefalitis en zelfs de dood.

Volgens de auteurs is in een klinische studie eerder een casus van Herpes Zoster geassocieerde encefalitis (HZAE) gerapporteerd. Hierbij betrof het een 51-jarige Kaukasische man met colitis ulcerosa die HZAE ontwikkelde na 2 jaar gebruik van tofacitinib tweemaal daags 10 mg. Na stoppen van tofacitinib en behandeling met antivirale middelen verdwenen de klachten zonder restverschijnselen.

In de casus van de 17-jarige man is de diagnose HZAE gesteld op basis van de hiervoor opgestelde criteria. Aangezien de patiënt voldeed aan het kerncriterium en 2 bijkomende criteria is de diagnose mogelijke encefalitis gesteld. Wanneer er aanvullend onderzoek gedaan was, met bijvoorbeeld een lumbaalpunctie, had de diagnose met meer zekerheid gesteld kunnen worden.

Belang voor de praktijk

JAK-remmers zijn geassocieerd met infecties met HZ. Dit kan gepaard gaan met neurologische symptomen en kan zich klinisch presenteren als encefalitis. JAK-remmers worden steeds meer toegepast in de dermatologie en reumatologie. Daarom moeten voorschrijvers zich bewust zijn van de opportunistische infecties, en de complicaties hierbij, bij het gebruik van deze immunosuppressiva. Wanneer gebruikers van JAK-remmers zich presenteren met karakteristieke HZ huiduitslag en neurologische symptomen, moeten voorschrijvers bedacht zijn op HZAE.

Belangenverstrengeling

Niet vermeld

Bron

Hosking A et al. Suspected Herpes Zoster-associated Encephalitis during Treatment with Oral Tofacitinib in Alopecia Universalis. Int. j. Trichology. 2018 Nov-Dec; 10(6): 286-288.

Contact